8 augustus 2019, Burghsluis
Geduld, dat hebben we veel moeten opbrengen het afgelopen jaar. Tijdens de voorbereidingen, uitzoekwerk, wachtend op informatie, offertes, zendingen, wachtend op klusjesman 1, 2, of 3. Het aantal uren dat ik wachtend heb doorgebracht tot de vakman tijd had loopt in de tientallen. Aan de ene kant logisch. De vakman komt pas als de vorige klus is afgerond. Een vakman loopt niet halverwege de klus weg omdat in zijn agenda staat dat de volgende klant wacht. Maar aan de andere kant: het wachten duurde soms te lang. Toch bleef ik trouw aan hen, want als ze eenmaal bezig waren leverden ze absoluut goed werk. Bovendien: ik had genoeg te doen aan boord. Al klussend probeerde ik de ergernis weg te rationaliseren. Achteraf is dat gelukt hoor, ik ben de vaklieden dankbaar voor hun goede werk. Motor, roer, kiel, mast, het zit allemaal stevig vast of draait juist soepel.
Geduld kunnen opbrengen, dat is een levenskunst die zeilers moeten beheersen. Zoals nu. Terwijl de buitenwacht vragen op ons afvuurt (‘Wanneer vertrekken jullie nou uit Nederland? Wanneer gaan jullie buitengaats? Wanneer zijn jullie in Spanje? Zijn jullie nou nog niet klaar met klussen?) liggen wij in de haven van Burghsluis. Na drie dagen Ooltgensplaat (Joris en Liselot kwamen langs en de motor-servicebeurt liep uit op een tankreiniging), een nachtje De
Heen (mijn favoriet, aanleggen in het riet), voor anker bij Zierikzee (Liselot moest voor studie terug naar Rotterdam), twee nachtjes ankeren bij Schelphoek nu dus Burghsluis. We wachten. Op een fokking windmetertje, dat ik te laat had opgestuurd naar de reparateur en inmiddels via Post.nl per expres onderweg is.
Als het ding eindelijk is gearriveerd, trekt Beaufort zaterdag de kast open en liggen we twee dagen verwaaid. Te wachten. Karin en ik houden ons voor dat wachten ook kan worden opgevat als: ontspannen, het op je af laten komen, bij de dag blijven, wachten is een uitnodiging om stress en ongeduld voorbij te laten trekken als het lagedrukgebied over de Noordzee, om vervolgens dichtbij jezelf te komen. Klinkt soft hè? Ben ik ook. Met volle overtuiging.
Geduld is iets dat Columbus goed kon opbrengen. Soft was hij niet, hoewel zijn biograaf Samuel Eliot Morison hem ‘een gevoelig man’ noemde, maar wat kon hij goed wachten! Columbus leurde jaren heen en weer tussen de koningshuizen van Spanje en Portugal om zijn beroemde reis gefinancierd te krijgen. Alleen al om op audiëntie te mogen komen bij Isabella de Katholieke van Spanje duurde negen maanden! Op 1 mei 1486 was het dan eindelijk zo ver. Columbus verwoordde geestdriftig zijn
Grote Plan bij de nukkige vorstin. Het resultaat was de oprichting van de Talavera-commissie.
Daarna moest hij weer wachten: maar liefst zes jaar tot er positief werd besloten! Een weekje wachten op mijn lieve windmetertje verbleekt erbij. En relativeert verder een eventuele onrust bij Karin en mij. Ik ga straks lekker klusjes doen, de AIS, de Aries, de afwas. Karin doet de was, heeft hardgelopen en naait een klittenbandje aan een plisse-gordijntje. De plee heb ik gesmeerd (geen details) en de kuip is geboend. Laat Beaufort maar komen. En daarna gaan we van kant!
Eric



In Nederland word je goed in de gaten gehouden, dat is een veilige gedachte. Hoewel Wes het daar niet mee eens was toen hem verboden werd de Maas over te steken met zijn opblaasbare kano om ons te komen bezoeken in de Marina Rotterdam. Hij heeft dit immers al vele malen eerder gedaan.
De afgelopen tweeënhalve week stond in het teken van klussen en bezoekjes van familie en vrienden. Het was heel leuk om te ervaren hoe iedereen even naar onze boot wilde komen kijken. Even met eigen ogen aanschouwen hoe dat zal zijn, een jaar lang leven in een ruimte van 11 bij 3.65. De reacties waren positief: ’mooie boot, toch veel ruimte en vernuftig ingebouwd allemaal’. Het is waar en mag gezegd worden, Catherine is een beauty! Tussen het klussen door beleefden we veel gezellige momenten met familie en vrienden.






De laatste weken neem ik overal afscheid. Zo heb ik vandaag de laatste les gegeven bij een groep die ik met veel plezier 30 weken heb begeleid. Ik heb de afgelopen drie jaar als zzp-er gewerkt voor verschillende taalscholen. Iedere keer is het toch weer even moeilijk om afscheid te nemen wanneer een traject klaar is of wanneer je ergens weggaat. Je bouwt een speciale band op met mensen die je twee á drie keer per week lesgeeft. Het is niet alleen taalles, het gaat om meer, mensen zijn nieuw in Nederland en proberen hun weg te vinden in deze samenleving. Dat levert veel vragen, verwondering en verbazing op. Erg leuk werk voor iemand, zoals ik, die zoveel van reizen houdt. Ik heb de halve wereld in mijn klas.
wereldreis. Als ik vertel dat ik per zeilboot ga, word ik flink ondervraagd. Hoe ik dat doe met eten en slapen of ik wel kan zeilen en of ik niet bang ben voor storm en voor hoge golven. Ik probeer zo goed en zo kwaad als het kan, antwoord te geven op al deze vragen. Maar vaak weet ik het ook niet. Hoe zal het zijn zoveel dagen achter elkaar met alleen maar zee om je heen? Het leven zal zoveel trager gaan dan nu. Je zal meer één zijn met de natuur en de elementen. Ik vertel dat je op een boot niet kan haasten, je moet wachten op de juiste windrichting, de juiste windkracht en rekening houden met stroming. Haast maakt dat je risico’s neemt. Met storm in het vooruitzicht moet je geduldig afwachten. Risico’s nemen we niet. We hebben immers geen haast. We doen niet aan een wedstrijd mee.
Vorige week deden we het over in MCA in Rhoon en afgelopen woensdag speelden we een paar nummers tijdens de afsluitende avond van de muziekschool in Rotown. Ook dat was weer een feestelijk gebeuren. Potverdorie, ik werd gekroond tot beste drummer van de avond! In een geïmproviseerd, door adrenaline wat warrig dankwoord, vertelde ik het publiek over onze aanstaande zeilreis. Dat riep de bekende reacties op waar we inmiddels mee bekend zijn: ‘Wat stoer!’ ‘Wat gaaf!’ ‘Ik moet er niet aan denken!’ En: ‘Kun je zeilen?’
Breaking Bad: Walter en Gus in de woestijn voor een schimmige deal. De beklemmende sfeer, dit loopt niet goed af. Geen weg terug. Het onvermijdelijke gaat gebeuren. Dat gevoel bekroop mij ook. Toch liep ik op de man af. Waarom? Misschien omdat ik mezelf anders een lafaard zou vinden. ‘T?’ vroeg ik kortaf. ‘Ja, en wie ben jij?’ ‘Eric’. ‘Waar kom je voor?’ Een vreemde vraag voor iemand die deze tijd en locatie zelf heeft voorgesteld. ‘Het Lewmar-blok’, antwoordde ik. Opnieuw dacht ik: dit klopt niet. Word ik misschien van achter aangevallen? Ik keek achterom. Daardoor zag ik niet dat T. zijn hand uitstak en zich voorstelde. Zijn toon werd vriendelijker: ‘Ja, sorry, ik heb hier met meerdere mensen afgesproken, je bent de eerste, daarom vraag ik het. Ik heb een faillissementspartij opgekocht. Doe ik vaker, vind ik leuk. Jouw blok zat daarbij.’ T. snuffelde wat in zijn achterbak. Hij gaf me het blok, ik gaf hem het geld. Zo ‘bad’ was hij nou ook weer niet.
Ze komen voorbij, de muziekhelden en -heldinnen die geschiedenis schreven, zoals Fleetwood Mac, Beatles, Jimi, Janis, Jeff Buckley. Plug in die gitaren en bestel bier! Het is feest ja!
Zittend achter mijn drumkitje, bezie ik aanstaande zaterdag al die fijne mensen, vrienden, familie, ook reguliere cafégangers die op de muziek afkomen, want iedereen is welkom. Gratis. Keep on rocking in a free world! Joris bezingt de waarheid met ‘I’m surrounded by people, beautiful people.’ Af en toe kijk ik door het raam naar buiten, terwijl Eva een voorschot neemt op ons vertrek naar Spanje, Portugal, Canarische eilanden, Suriname en de Cariben en zingt ‘A change is gonna come’.
Een watertje, omringd door historische panden, het was hier ooit de haven van Delft, midden in de polder, een dorp, dat in 1886 werd geannexeerd door Rotterdam. Ongelofelijk veel geschiedenis ligt hier voor het oprapen. Piet Heyn is hier in 1577 om de hoek geboren. Net als kunstschilder Kees van Dongen, driehonderd jaar later. Iets verderop staat een VOC-gebouw uit 1669, dat onlangs is opgeknapt met fraaie appartementen voor goed verdienende nazaten.
meter afstand van mijn drumstel in De Ooievaar, stapten de gelovigen aan boord van de Speedwell. Ze vertrouwden op God, maar als ze eerst een deskundige naar het wrakhout hadden laten kijken, dan hadden ze het er niet op gewaagd. Eenmaal op zee bleek de boot zo lek als een mandje. Ternauwernood haalde het Southampton. Daar stapte het gezelschap over op de Mayflower. Aan boord stelden de Pelgrimvaders regels op: de Mayflower Compact, een eerste primitieve grondwet van Amerika. Ook Thanksgiving, een soort Amerikaanse Koningsdag, is bedacht door dit groepje gelovigen. Leuk om te weten toch? Belangrijker is dat Stadsbrouwerij De Pelgrim, naast de kerk, in het voormalige Raadhuis, zelf bier brouwt, waaronder het smakelijke Mayflower.
Genoeg gemijmerd. Het volgende nummer is aan de beurt. Ik tel tot 6, het is een zeskwartsmaat, dan zingt Eva: ‘Cry Baby!’ We zwelgen in de emoties van de jaren 60. Ook geschiedenis, maar dan springlevend. Heerlijk. Zaterdag 22 juni, vanaf 21 uur.
geen verkering, kochten een open ticket Mombassa en vertrokken voor een paar maanden naar Oost Afrika. De verkering kwam vanzelf en we reisden rond in het prachtige Oost-Afrika. We leerden elkaar kennen, werden een hecht team en vrij snel na deze zeer speciale reis kwam de gezinsuitbreiding.
Langzaam, héél langzaam, kunnen we dingen wegstrepen op de lange, héél lange actiepuntenlijst. Daarop staan allerlei zaken die moeten worden geregeld, gecheckt of aangepakt voor de boot. Het onderwaterschip in de anti-aangroeiverf. De speling op het roer verhelpen. De hypermoderne, maar onderhoud vergende Brunton vaanstandschroef reviseren. Enkele luiken vervangen. Een nieuwe ankerlier, zwaar genoeg om 60 meter ketting omhoog te halen. In de tussentijd hebben we haar een poetsbeurt gegeven. Ze glimt weer! Talloze andere klusjes, die voor de meeste lezers nauwelijks interessant zijn om te noemen, maar ons hoofdbrekens bezorgen. Want op een boot is alles veel ingewikkelder dan het lijkt. En duurder. Boat? Bring On Another Thousand!